
De Plek waar Armstrong uit de bocht ging. Letterlijk.
Gap, 2003 - Welkom in de 'Tour de France tijdperk Armstrong'. Niet de Armstrong van de maan, evenmin Louis; het zijn de jaren van Lance Armstrong, The Boss. De Amerikaan die er als eerste in slaagt de Ronde van Frankrijk meer dan vijf keer op zijn palmares te schrijven. Twee eindoverwinningen meer dan de historische klasbakken Jacques Anquetil, Eddy Merckx, Bernard Hinault en Miguel Indurain. Zeven eindoverwinningen is buitenaards. Het zou later blijken. In 2003 zal de Amerikaan zijn vijfde Yellow Jersey meepakken naar Texas. Dít is de plek, vier kilometer voor de finish, in de afzink van de Côte de la Rochette, waar Lance Armstrong uit de bocht gaat. Letterlijk.

Lovers en haters
Het is quatorze juillet 2003. Rit 9 in de Tour. Instagram is nog sciencefiction, lovers en haters zijn er voldoende. Armstrong wordt verafgood door miljoenen fans wereldwijd, gehaat door minstens evenveel. Vooral de Fransen zien hem niet graag hun koers verslinden. Want dat doet Armstrong sinds 1999, zomer na zomer. Met zijn US Postal-team rijdt hij de tour aan flarden, de tegenstand in wanhoop. Zijn soldaten lijken machines, een onoverwinnelijke squad rond The Boss; het Amerikaanse superteam bulldozert door het peloton. Genadeloos arrogant. Concurrenten kraken, de wielersport doet pijn aan de ogen. Journalisten die vragen stellen – ze zijn op één hand te tellen - worden uitgespuwd.

Rewind naar een wielerdeccennium vroeger. Het is 1993 als voor de 21-jarige Armstrong de American Dream uitkomt: in het kletsnatte Oslo wordt hij wereldkampioen op de weg en geeft zo zijn visitekaartje af voor de toekomst. Armstrong is een vechter – als jonge kerel naar Europa verkast met een missie: winnen op de fiets. Ook de volgende jaren rijdt de Amerikaanse twintiger een aantal keer als eerste over de finish van onder andere de klimmersritten Classica San Sebastian en de Waalse Pijl. From Zero to Hero … tot een agressieve teelbalkanker de sportman brutaal aan de kant zet. Pauze. Stop. Afzien. Herstel. Comeback. En opnieuw, …winnen.
Don't stop me know
Armstrong is een vechter. Tijdens zijn terugkeer kruist hij het pad van Johan Bruyneel in wie hij een meester-tovenaar ontwaart. Een partner-in-crime zo blijkt later. De twee schrijven samen geschiedenis met een eerste Touroverwinning in 1999. De wielersport – net zoals elke andere sport – leeft van helden. Door het oog van de naald gekropen, van een bijnadoodervaring naar onoverwinnelijk. Te mooi om waar te zijn. Mensen hebben helden nodig. En dus voedt de slimme Amerikaan het American Dream-scenario én de marketingmachine. Zijn Stichting LiveStrong haalt miljoenen euro's en dollars op voor kankeronderzoek. Hij pakt jaar na jaar de gele trui mee over de oceaan, ondertekent een megadeal met Nike, en wordt wereldwijd het gezicht van de strijd tegen kanker. Een sportsprookje, zo lijkt het.
Maar elk sprookje heeft zijn heks. Lance Armstrong is controversieel en heeft twee vijanden: de Ierse sportjournalist David Walsh, en de opborrelende waarheid. Beide zullen hem achtervolgen, beschuldigen en tot bekentenis dwingen. Met als triest resultaat dat de wielerjaren 2000 één grote leugen bleken. In een tijdperk waar wielrenners epo innamen bij het ontbijt, liet US Postal - geregisseerd door het duo Armstrong-Bruyneel - elke andere ploeg achter zich. De Amerikanen blonken uit in organisatie, in experimenten, in innovatie, in arrogantie. De Tour werd een dictatuur: strak voor de buitenstaander, maar intern zweeg iedereen. Renners, verslaggevers, verzorgers, organisatoren en sponsors. Wie niet zweeg, werd het zwijgen opgelegd. Armstrong was the Boss: op de fiets, naast de fiets. Zonder enige twijfel: in een tijdperk van sportieve fraude was Armstrong de beste renner ter wereld. Met enig realiteitszin: ook zonder doping was Amstrong de sterkste renner van zijn tijd. Wellicht.
De jacht op geel
Terug naar Gap. 2003 is geen Armstrongshow vanaf rit één. Uiteindelijk draait het ook in deze tour om het eeuwige duel Armstrong versus Ulrich, maar bij de doortocht door de Alpen liggen er nog enkele scherpschutters in de flanken. Alexandr Vinokourov, Iban Mayo, Ivan Basso. Jawel, het is een achteraf bewezen rijtje gedopeerden dat voor spanning in de Tour zorgt. Nooit meer los te koppelen van de jaren negentig en de nillies. Het is de Bask Jesopa Beloki in zijn roze ONCE-roze die Armstrong het meest onder druk zet. Beloki verzamelde de jaren ervoor al wat tweede en derde plaatsen en wil dit jaar in 't geel naar Parijs.
Het is bloedheet - als in 'het asfalt smelt' - als Beloki in de afdaling van de Côte de la Rochette Armstrong onder druk zet. Beloki smijt zich als een bezetene in de slingerende afzink, aan kop van een groepje met alle toppers. Het kloofje met de ontsnapte Vinokoerov is haalbaar. Als hij Armstrong 40" kan aansmeren, zijn ritwinst en geel voor Beloki. Hongerige wielrenners nemen risico's, dat is een wetmatigheid van topsport. Net als de wetmatigheid dat asfalt bij meer dan 40° een stroperige brij wordt.


Veldrijder Armstrong
In volle afdaling van de Côte de la Rochette, en in het idee dat hij Armstrong uit zijn wiel moet schudden, schuift Beloki door de asfaltbrij, balanceert, corrigeert, maar verliest de controle en smakt tegen de grond. Exit Beloki. Net achter hem heeft Armstrong amper de tijd om in de remmen te gaan, ontwijkt de vallende Bask en kiest intuïtief en in een perfecte move, niet voor de weg die naar rechts draait, maar gaat rechtdoor het veld in. Wat volgt, is niet de klassieke verschrikking of ontreddering, maar koelbloedigheid en stuurmanskunst. Armstrong is een vechter. Zonder uit de pedalen te gaan, in één natuurlijke beweging, wordt de gele trui een volleerd cyclocrosser die – terwijl zijn collega's een bocht van enkele honderden meters nemen – kiest voor het olifantenpaadje 'tout droit'. Na 15 seconden waarin elke supporter de adem inhoudt, gaat Armstrong van de fiets, springt vlotjes over een gracht, en sluit weer aan bij de verbijsterde en voorbijzoevende achtervolgers. Heerlijk hallucinant. Na de wedstrijd twijfelt de Tourdirectie even om hem te diskwalificeren 'omdat hij niet het hele parcours heeft afgelegd'. Belachelijker wordt het niet.
Aleksandr Vinokoerov houdt zijn kleine voorsprong en wint de rit in Gap. Armstrong houdt het geel, tot in Parijs. Voor Beloki eindigt de Tour de France in een ambulance met een knie- en bekkenbreuk. De Bask herstelt, maar stopt kort erna wegens 'nooit meer top'.
Op de sofa bij Oprah
Lance Armstrong is een vechter. De Amerikaan verzamelt zeven gele truien. Financieel heeft het wielrennen hem geen windeieren gelegd. Maar vechters maken vijanden, op en naast de fiets. De tijdsgeest kantelt, geruchten worden bewijzen. Vrienden vertellen. Armstrong geeft toe. In januari 2013, nestelt de renner zich bij Oprah Winfrey in de sofa en biecht op dat hij samen met het wielrennen van zijn tijd, zijn hele loopbaan uit de bocht is gegaan. Epo, steroïden, bloeddoping, we all did it.
Net als tien jaar eerder ontwijkt de Amerikaan wie voor en naast hem sneuvelt, laat zijn stuur niet los, slalomt langs het smeltende asfalt, kiest voor de vlucht vooruit, verliest zijn zeven gele truien, maar blijft The Boss in zijn bestaan. Vandaag is hij eigenaar en host van THE MOVE, één van de meest beluisterde en controversiële cyclings blogs ter wereld. Officieel is hij geschrapt uit alle tabellen van de Tour de France. Een vreemde move als je weet dat alle andere tijdsgenoten via een grote bocht rond de hete brij laveerden.

